
Nederland wil de komende jaren veel nieuwe woningen bouwen, terwijl klimaatverandering zorgt voor meer risico’s op zowel wateroverlast als droogte. Waterschappen geven advies om te voorkomen dat er gebouwd wordt op plekken die kwetsbaar zijn voor overstromingen of bodemdaling. Uit een rondgang blijkt echter dat zij vaak niet weten wat er met hun adviezen gebeurt.
Regelmatig komen bouwplannen in risicogebieden tot stand zonder dat waterschappen op tijd worden betrokken. Soms horen zij pas in een laat stadium van projecten, terwijl gemeenten en provincies gronden gebruiken die volgens de wet wel bouwbaar zijn, maar volgens waterschappen uiteindelijk problemen kunnen opleveren.
Een duidelijk voorbeeld is de Zuidplaspolder, het laagste punt van Nederland. Daar wil de gemeente een nieuw dorp van duizenden woningen bouwen. Het betrokken waterschap adviseerde hiertegen, maar dat advies werd genegeerd. Uiteindelijk stapte het waterschap naar de Raad van State.
Waterschappen pleiten daarom voor duidelijke, bindende afspraken zodat hun adviezen niet vrijblijvend zijn. Ze willen dat water- en bodemaspecten verplicht worden meegenomen voordat bouwplannen worden vastgesteld, om toekomstige schade en risico’s te voorkomen.
Tegelijkertijd waarschuwt de rijksoverheid dat zulke wettelijke verplichtingen bouwprojecten kunnen vertragen en duurder maken. Gemeenten moeten volgens hen zelf een zorgvuldige afweging maken tussen bouwen, natuur en waterveiligheid.
Kort gezegd: de druk om snel veel woningen te bouwen staat op gespannen voet met de noodzaak om veilig en klimaatbestendig te bouwen. Zonder vaste regels blijft onzeker of toekomstige woonwijken bestand zijn tegen de gevolgen van klimaatverandering.
Via: Nieuwsuur/NOS.nl december 2025


