
Het waren zware debatten voor de 2022-lijsttrekker van Leefbaar Rotterdam, Robert Simons uit Nesselande. Naast de afwezigheid van ‘vriend’ Simons uit Nesselande begin 2026 op de kandidatenlijst van de nieuwe lijsttrekker Ronald Buijt, ontbrak het aan meer Nesselanders die zich actie en bestuurlijk wilde gaan inzetten voor het zwalkend Leefbaar Rotterdam. Zwalkend omdat de zogenoemd “Rotterdamse partij” in de periode 2022-2026 geen enkele eigen coalitie-doel wist te behalen. Bovenal was de leegloop binnen de fractie en partij enorm. Vooral wethouder Simons bleek weinig leiderschapskwaliteiten te hebben om de boel bijelkaar te houden. Dit werd bevestigd als de Nesselander, die al vroeg in zijn periode opdook in een onderzoeksrapport over kiezersbedrog, als “lijstduwer” maart 2026 op het stembiljet opduikt, maar nauwelijks stemmen krijgt.
Geen enkel doel behaald
Zwalkend gezien de leegloop en de berekening door de Rotterdamse Rekenkamer010 dat de partij geen enkel doel wist te bereiken, al wil populistisch nepnieuws, dit wil bewijsloos doen vermoeden. Het is eind 2025 als wethouder Simons, verantwoordelijk voor onder andere grote projecten en de haven, letterlijk de raadszaal bevraagt “of.. er nog iemand een ideetje heeft voor het falend havenbeleid en de wegzakkende economie in de Havenstad Rotterdam.. “.
Het werd stil in de raadszaal. Het dieptepunt leek bereikt als wederom blijkt dat de wethouder geen visie en actiepunten kan brengen en de berichtjes van zijn adviseur niet meer tijdens het debat op de tablet verschijnen. Een wethouder Simons die zijn tablet blijft verversen maar geen ingefluisterde argumenten meer in het debat kon inbrengen, was illustratief voor zijn visieloos en doelloze bestuursperiode op het Stadhuis.
Het blijft angstvallig stil als dan iets later ook blijkt dat zijn eigen partij Leefbaar Rotterdam niet meer door wil met wethouder Simons uit Nesselande en hem wellicht voor het beeld nog een kleinerend, lage positie aanbiedt als “lijstduwert“.

Illustratief was het melden door oud-fractielid Coenradie (nu JA21, red.) dat onder Leefbaar Rotterdam (periode 2022 – 2026) de criminaliteit in Rotterdam alleen maar is toegenomen. Een op zijn minst zeer markante uitspraak, artikel en video zie hier.
Het is het moment dat in het Rotterdams college (=bestuur) waar ook Leefbaar Rotterdam van deel heeft gemaakt, zich opstelt tegen de “anti-partij” Leefbaar Rotterdam.

De positie van de Rotterdamse haven (wethouder Simons) is dramatisch weggezakt, bedrijven trekken weg, de Rotterdamse economie blijft groots achter (wethouder Simons uit Nesselande) en het straatbeeld in Rotterdam slaat terug naar de jaren 90 vol junks en daklozen (wethouder Buijt).
Daarbij zijn de zorgwachtlijsten van zes weken naar ruim drie maanden opgetrokken door een tevens niet slagend wethouder Ronald Buijt en de problemen in de jeugdzorg enorm gegroeid net als de rotTerdamse armoede.
Dat juist nu, per 2026, een ex-hooligan de partij uit het slob moet halen, is illustratief voor het zwalkend Leefbaar Rotterdam, dat zelfs niet meer door bevriende journalisten van het AD in het zadel wordt gehouden.

#GR26 ‘Puinhopen van Leefbaar Rotterdam’ deel 3: Ex-hooligan en falende wethouder Buijt als leider
Omstreden wethouder
De bestuursperiode van Robert Simons in Rotterdam laat een gemengd en omstreden beeld achter. Hoewel er ambities waren op het gebied van economische versterking en stedelijke ontwikkeling, is de doorwerking daarvan in het dagelijks leven van veel Rotterdammers beperkt zichtbaar gebleven.
De kern van de kritiek richt zich op het uitblijven van tastbare resultaten. Beleidsvoornemens werden wel gepresenteerd, maar volgens tegenstanders onvoldoende vertaald naar concrete verbeteringen in wijken waar de druk op wonen, leefbaarheid en voorzieningen het grootst is. Daarmee blijft de vraag hangen in hoeverre het gevoerde beleid daadwerkelijk heeft bijgedragen aan het verkleinen van ongelijkheid binnen de stad.
Daarnaast roept de aanpak vragen op over prioriteiten. De nadruk op economische groei en grote projecten heeft niet voor iedereen geleid tot merkbare vooruitgang. Voor een deel van de stad lijkt de kloof tussen beleid en praktijk eerder zichtbaar geworden dan verkleind.
Alles bij elkaar ontstaat het beeld van een bestuursperiode waarin verwachtingen hoog waren, maar de ervaren impact achterbleef. Of dat te wijten is aan beleidskeuzes, politieke omstandigheden of de complexiteit van stedelijk bestuur, blijft onderwerp van debat. Feit is dat de kritiek op het functioneren van de wethouder hardnekkig is en dat het vertrouwen in de effectiviteit van zijn beleid niet overal vanzelfsprekend is gebleken.
Leefbaar Rotterdam blundert met ‘Nesselande-Oost annexatie’ #raad010


